De bastaardsatijnrups op Terschelling herkennen en vermijden
De bastaardsatijnrups op Terschelling komt steeds vaker voor in de duinen en kan in mei, juni en begin juli voor overlast zorgen. Deze rups is de larve van de
bastaardsatijnvlinder (Euproctis chrysorrhoea) en leeft vooral in struiken en bomen zoals duindoorn, meidoorn en eiken. Het is goed om hier rekening mee te houden tijdens een fietstocht, wandeling of stranddag.
Zoek&Boek
Bastaardsatijnrups op Terschelling
De bastaardsatijnrups op Terschelling komt vooral voor in de duingebieden en kan in het voorjaar voor overlast zorgen. De rups ontstaat uit eitjes die in pakketjes worden afgezet en bedekt zijn met brandharen. De jonge rupsen overwinteren in spinselnesten en worden in het voorjaar actief.
Naarmate de rupsen groeien, ontwikkelen ze herkenbare oranje stippen op de rug en witte strepen langs de zijkant. In deze fase krijgen ze ook brandharen die bij aanraking of verspreiding door de wind voor irritatie kunnen zorgen.
Wanneer geeft de bastaardsatijnrups overlast?
De meeste overlast van de bastaardsatijnrups op Terschelling ontstaat tussen mei en juni. In deze periode zitten de rupsen in hun laatste stadium en hebben ze veel brandharen die gemakkelijk loslaten. Deze haren kunnen door de wind worden verspreid, waardoor je ook klachten kunt krijgen zonder direct contact met de rups.
Klachten door de bastaardsatijnrups
Contact met de brandharen van de bastaardsatijnrups kan verschillende klachten veroorzaken. Denk aan jeuk, huidirritatie, rode uitslag en irritatie aan ogen of luchtwegen. De klachten lijken op die van de eikenprocessierups, maar zijn meestal minder langdurig. De haardjes hechten zich vaak wèl in uw kleding. Let daar extra goed op. Dus ook niet verwarren met bedswanten!!!
Waar komt de bastaardsatijnrups op Terschelling voor?
De bastaardsatijnrups komt op Terschelling vooral voor in duingebieden en in struiken zoals duindoorn. Ook bomen zoals eiken en meidoorn zijn favoriete plekken. In sommige gevallen kunnen deze rupsen struiken volledig kaalvreten.
Tips om de bastaardsatijnrups op Terschelling te vermijden
Om klachten te voorkomen is het belangrijk om voorzichtig te zijn in gebieden waar de bastaardsatijnrups op Terschelling voorkomt. Raak rupsen, spinselnesten en vervellingshuidjes niet aan en blijf tijdens wandelingen zoveel mogelijk op de paden. Na een bezoek aan het strand, de duinen of gebieden met veel duindoorn is het verstandig om kleding, handdoeken en andere spullen goed uit te kloppen. Echter ook door de wind kunt u de haartjes op uw kleding krijgen.
Trap rupsen niet dood. Hierdoor kunnen juist extra brandharen vrijkomen die door de wind worden verspreid. Heb je toch contact gehad met brandharen, spoel de huid dan af met water en trek schone kleding aan om verdere irritatie te voorkomen.
Genieten van Terschelling zonder overlast
Met een beetje oplettendheid blijf je gewoon genieten van de prachtige stranden, uitgestrekte duinen, natuurgebieden en de rust waar het eiland om bekendstaat. De een is meer gevoelig dan de ander voor dit fenomeen.
Ben je op zoek naar een vakantieverblijf op Terschelling? Bekijk dan overnachten op Terschelling voor een zorgeloos verblijf. Wil je weten wat er allemaal te beleven is op het eiland? Ontdek dan de leukste activiteiten op Terschelling.
Voor meer informatie over brandharen, gezondheidsklachten en actuele adviezen kun je terecht op de website van het RIVM.
Zoek&Boek